Multimedia Art Productions

PK#841_001 kopie
PK#841_002 kopie

1763
Joûffroûwe Sûsanna Maria Knoepfell, wedüwe ende gejustitüeerde erffgenaeme van wijlen d’heer Joan Daniel Dülcken, salva legitima aen haere vijff eenighe kinderen bij haer vanden selven haeren manne wijlen behouden, ingevolghe den testamente reciprocq tusschen haer ende den voors. haeren manne wijlen gesaementlijck gemaeckt….. (26 augustus 1751 - Petrus Josephüs Gabriel Steencrüijs)….
Item de voors. comparante alnogh als gemagtight ende geconstitueert sijnde van Sr Johan Ludovicûs Dülcken, haeren bejaerden sone, bij haer vanden voors. haeren manne wijlen behouden, bij
procuratie door hem op haer compte verleden, ende op 26sten julij 1763 voor Burgemeesteren, Schepenen ende Raede der Stadt Hasselt gepasseert, onder J.C. Vatebender, ende bezegelt in forma, ten desen in originali geexhibeert.
Ende jouffre Johanna Dülcken, wesende oock der eerste comparante bejaerde doghtere, daer oock vader aff was den voors. d’heer Joan Daniel Dülcken, ten desen geassisteert met Sr Johan Herman Faber, haeren wettigen manne ende momboir, ende bekenden ende verclaerden de voors. comparanten, soo pro se als qualitate praedicta, omme ende mits de somme van drije duijsent ende twee honderd guldens eens, die aen haer in specie ende evaluatie van wisselgelde den schellinck tot sesse stuijvers het stûck ende de meerdere specien naer advenant gerekent, al ende wel is vergolden, vercocht, overgegeven, gecedeert ende getransporteert te hebben, soo sij doen bij desen wel ende wettelijck, aen jouffre Isabella Eyletten, weduwe van wijlen d’heer Jacqûes Hermans,
drije huijsen met den gronde ende toebehoorten, nu tot eene huijsinge geapproprieert sijnde, gestaen ende gelegen in het Hoplandt alhier, tusschen de huijsinge van Jasper De Vergenis aen d’eene sijde, ende ’t huijs genaemt Den Arendt aen d’ander sijde... (enz. volgt de beschrijving van lasten, cijnzen en voorwaarden) den selven hüijse cum annexis als nu bevonden wort te exsteren, daerinne der compten in desen mede des voors: constituants ende der geseijde weesen voors: manne ende vader wijlen d’heer Johan Daniel Dulcken, op 21. janrij 1746, bij jouffre Joanna Albertina De Wilde, comparerende voor heren schepenen der stadt, gegoeijt ende geerft is, alles prout litterae quas tradiderunt, droeghen oppe, etta, te waerne ende te claerne etta van alle commeren ende callangien...



Toelichting in modern Nederlands
Situatie:

  • Susanna Maria Knoepfell is de weduwe van Johan Daniel Dulcken. Zij is erfgename volgens een wederzijds testament dat zij en haar man hadden opgesteld.

  • Zij treedt hier op in meerdere hoedanigheden:

    1. Voor zichzelf (als erfgename).

    2. Als voogdes/momboir over de drie nog minderjarige kinderen.

    3. Als gemachtigde van haar volwassen zoon Johan Ludovicus Dulcken.

  • Ook de volwassen dochter Johanna Dulcken verschijnt, samen met haar echtgenoot Herman Faber (die als haar "momboir" optreedt, wat betekende dat een gehuwde vrouw formeel niet zelfstandig rechtshandelingen kon stellen).

Wat gebeurt er:
  • Voor de som van 3.200 gulden verkopen en transporteren zij aan Isabella Eyletten, weduwe van Jacques Hermans,

  • drie huizen (met grond en bijgebouwen), die inmiddels samengevoegd waren tot één woning,

  • gelegen in het Hopland, tussen het huis van Jasper De Vergenis en het huis genaamd Den Arendt.

Voorwaarden en lasten:
  • De huizen worden verkocht "met alle rechten, gemakken en verplichtingen" die eraan verbonden zijn.

  • Er rustte nog een erfrente van 1.200 gulden kapitaal op de huizen, maar die is bij deze verkoop meteen verrekend en afgehandeld.

  • Verder is er enkel nog een jaarlijkse cijns van 32 stuivers verschuldigd aan het Coraelen-altaar van Onze Lieve Vrouwe (de vicarissen) in Hasselt.

  • De koopster Isabella Eyletten neemt deze verplichting op zich.

  • Er wordt uitdrukkelijk bij eed bevestigd dat de verkoop niet is gedaan om de huizen in "dode handen" (kerkelijk bezit) te brengen – dit was verboden volgens plakkaten van de vorst.

Belangrijk detail voor de kinderen (wezen):
  • Omdat Susanna Maria ook handelde voor de drie minderjarige kinderen, moest zij ervoor zorgen dat hun aandeel in de koopsom veiliggesteld werd.

  • Dat gebeurde door een waarborg: het geld dat hen toekwam bleef “berusten” bij de koopster totdat Susanna Maria het bedrag zou hebben geremplaceerd (terugbetaald of veilig belegd ten behoeve van de wezen).


Samenvattend
De akte regelt dus:
  • Een gezamenlijke verkoop van de eigendom van de Dulcken-erfgenamen (moeder, meerderjarige kinderen, minderjarige kinderen vertegenwoordigd).

  • De overdracht van drie samengevoegde huizen in Hasselt aan Isabella Eyletten voor 3.200 gulden.

  • Lasten: alleen nog een jaarlijkse erfpacht van 32 stuivers.

  • Voor de wezen: hun erfdeel in de koopsom moet apart bewaard en herbelegd worden.


In dit stuk verklaart de notaris ook hoe Johan Daniel Dülcken destijds de huizen verkreeg:

  • Op 21 januari 1746 is hij eigenaar geworden van deze panden.

  • Dit gebeurde via Joanna Albertina De Wilde, die toen voor de Antwerpse schepenbank (stadsbestuur) verscheen.

  • De akte spreekt van "gegouijt ende geerft", wat meestal duidt op een overdracht door middel van verkoop en overdracht (gouij = goey = koop) of mogelijk een schenking/erfenis bekrachtigd voor de schepenbank.

  • Met “prout litterae quas tradiderunt” verwijst men naar de documenten die toen overhandigd en geregistreerd zijn.

Kortom: De huizen waren al sinds 1746 in bezit van Johan Daniel Dülcken, omdat hij ze toen van Joanna Albertina De Wilde had gekocht (of ontvangen door erfdeling) bij de Antwerpse schepenen.


Betekenis van “gegouijt ende geerft”
In Antwerpse schepenakten (en breder in de Zuidelijke Nederlanden) zie je vaak formules als:
  • “gouij(en)” of “goeyen” dit is een oud rechtswoord dat meestal “koop en transport” betekent. Het gaat om de handeling waarbij eigendom werd “goedgekeurd” en dus overgedragen via de schepenbank. Een “goey” is in feite de notariële of schepenakte van verkoop.

  • “geërft” dit betekent niet per se “erven” in onze moderne zin, maar duidt vaak op het volledig bezitten/krijgen van erfelijke eigendom (allodiaal of erfpacht). Het werd gebruikt als formule bij de inschrijving in de erfboeken (wijkboeken) van de stad.

    • Wie een goed had “geërft”, was door de schepenbank erkend als rechthebbende en ingeschreven in de registers.

    • Het gaat dus niet noodzakelijk om een overlijden, maar om het juridisch erfelijk bezit verkrijgen (een eigendomstitel die voortaan overdraagbaar en erfelijk is).

Samen gebruikt: “gegouijt ende geërft” betekent dus: 👉 de goederen zijn door koop verworven en vervolgens als erfelijk eigendom ingeschreven en bezeten volgens de stedelijke rechtstraditie.
Met andere woorden: Dülcken had de huizen niet alleen gekocht (1746), maar zijn bezit was ook bevestigd in de erfboeken van de stad Antwerpen, waardoor hij als volwaardig eigenaar werd erkend.

De originele akte uit 1746
De verwijzing in jouw akte is heel concreet:
  • Datum: 21 januari 1746

  • Persoon: Joanna Albertina De Wilde

  • Plaats: Schepenbank van Antwerpen (dus niet bij een notaris, maar in de stedelijke registers)

Waar te vinden?
  1. FelixArchief (Stadsarchief Antwerpen)

    • De schepenakten en wijkboeken van Antwerpen uit de 18e eeuw worden daar bewaard.

    • Reeks: Schepenregisters / Wijkboeken

    • Datering: januari 1746

    • Zoekingang: “Transporten en erfstellingen” (dit zijn de rubrieken waar dergelijke overdrachten genoteerd staan).

  1. Toegang

  • Het FelixArchief heeft de registers in de studiezaal, maar veel is gedigitaliseerd via FelixArchief Digitaal.

  • De wijkboeken (die de eigendomsoverdrachten per wijk vastleggen) zijn systematisch genummerd. Omdat jouw akte ook de straat “Hopland” noemt, kan men gericht zoeken in het wijkboek voor die buurt.

  1. Zoekstrategie

  • Je zoekt in de schepenakten van 21 januari 1746 naar de naam Joanna Albertina De Wilde en naar de vermelding van een transport/verkoop van huizen in het Hopland.

  • Je zou dan de originele akte kunnen terugvinden, inclusief de exacte bewoording, de prijs van de verkoop, en eventueel nog oudere herkomstinformatie van de panden.


📌 Kortom:
  • “gegouijt ende geërft” = juridisch eigendom verkregen door koop en inschrijving in de erfboeken van de stad Antwerpen.

  • De originele akte (21 januari 1746, schepenbank Antwerpen, Joanna Albertina De Wilde) ligt in het FelixArchief en is waarschijnlijk in de schepenregisters/wijkboeken digitaal raadpleegbaar.